Eigen werk: proza

Terug naar: Eigen werk: proza

eindigheid.

Plaats een reactie (registreren)
Leven

Ik werd vannacht wakker van een gesprek in mijn kamer. Ik liep mijn slaapkamer uit en zag daar God en de duivel zij waren op bezoek. Ze hadden het zichzelf gemakkelijk gemaakt, en zaten een kop oploskoffie van mij te nuttigen. Het gas onder mijn fluitketel stond nog zachtjes aan, waardoor wat waterdamp en een zacht gefluit de kamer vulde naast het gesprek. Ik vroeg of ik erbij mocht komen zitten. Zowel God als de Duivel gebaarde mij op een rustige manier te gaan zitten op de bank. Ik nam plaats naast de Duivel en keek richting God in mijn verkregen stoel. “Waar hebben jullie het over?”vroeg ik aan beide. “Zo meteen komt de Dood” antwoorden God “en wij zijn er niet uit waar jij behoort te zijn” zei de duivel. Ik stond op en vulde mijn fluitketel met wat meer water, en zette voor mijzelf ook een kop oploskoffie. “Jullie nog?”vroeg ik “heb je ook drank?” vroeg de duivel. “ Nee ik ben niet zo een drinker” antwoorden ik. “Lekker zei God, doe mij nog maar een bakkie”. Ik vulde twee koppen koffie, en reikte er een aan God aan. Ik nam weer plaats naast de Duivel. De bel gaat, en ik loop naar mijn intercom “wie is daar?” “De Dood mag ik binnen komen”. “ja wees welkom”waarna ik op het knopje drukte om de deur open te maken. Met zware stappen hoorde ik de Dood naar boven komen. Toen ik weer plaats nam naast de Duivel, ging de deur open. “Dag Christian, God, Duivel” zei de Dood. “Koffie vroeg ik” “Ja lijkt me lekker”antwoorden de Dood. Ik stond op en zette de fluitketel op. De Dood nam mijn plaats in, en zette zich neer naast de Duivel. Ik sloeg het tafereel gade uit mijn keuken, en gooide twee theelepels oploskoffie in de beker. “Melk en suiker”vroeg ik “nee zwart als de nacht, bitter als gal en heet als de Duivel” antwoorden de Dood, ik voegde er nog een schep koffie aan toe. “Hoeveel tijd heb ik eigenlijk nog”vroeg ik aan mijn bezoekers. God keek op zijn horloge, en schatte mijn Aardse tijd op nog zo’n twintig minuten. Ik reikte de ingeschonken koffie aan de Dood aan. “Ik denk dat ik mijn tijd gebruik om een afscheidsbrief te schrijven”. “Dat is prima hoor” zeiden ze alle drie. Ik begon mij te verdiepen in het papier, en begon te schrijven. Het geroezemoes op de achtergrond vervaagde steeds meer naarmate mijn concentratie naar het papier ging.


Lieve Moeder en Vrienden,

De Dood is vannacht gekomen om mij te halen. Ik heb hem zelf uitgenodigd, maar wist niet precies wanneer hij zou komen. Het Aardse bestaan zal voor veel mensen mooi zijn, maar voor mij was de materie iets te ingewikkeld om mee te werken. Ik hou van jullie allemaal. Net zoals ik, zijn ook jullie gelijk aan mij en ik aan jullie. Wij zijn allemaal voorgebracht door de evolutie en maken er het best mogelijke van. Iedereen krijgt het leven, maar dit hoeft niet te betekenen, dat je het ook moet houden. Ik heb van jullie allemaal zielsveel gehouden, jullie mooie kanten jullie zwakke kanten, ook ik heb ze ervaren. Dat maakt ons tot mensen. Draag mij mee in jullie gedachten, en ik zal altijd bij jullie blijven. Probeer niet teveel verdriet te hebben, ook al weet ik dat dit voor sommige onmogelijk is. Troost je met de gedachten, dat we uiteindelijk weer samen zullen zijn. We komen uit niets, we zitten in een raadsel en we gaan naar het onbekende. Ik heb besloten om mijn leven terug te geven aan het geheel.

XXX Christian.

Ik las de brief door en liet een traan. De Dood reikte mij een zakdoek aan. “Hoe ga ik eigenlijk?”vroeg ik aan mijn gezelschap. “Geduld zij God”over vijf minuten is het gebeurd. Ik stond op ging voor de spiegel in mijn badkamer staan, en pakte het scheermes dat voor mij lag. Hiermee kerfde ik in beide polsen diepe sneeën, waarna het bloed er uit stroomde. Ik zette de douche aan, en ging eronder zitten. Het bloed stroomde via het afvoerputje het riool in. Ik hoorde de drie opstaan, hun beker in de keuken zetten, en naar mij toe komen in de badkamer. Ze keken mij aan. Ik begon weg te vallen “waar ga ik hierna naar toe” vroeg ik met zachte stem. “dat mag je kiezen”zei de Duivel. “Jij bent ook maar een mens overgeleverd aan het lot, beslis jij maar” zei God. “Waar je ook heen gaat, ik breng je”zei de Dood. “Eigenlijk wil ik nergens meer heen” legde ik mijn metgezellen uit. “ik wil naar de plek voor de evolutie begon, en dan alleen nog maar terug in de tijd”. Ik hoorde de deur dicht vallen. Voor mijn raam, hoorde ik de drie afscheid van elkaar nemen. “tot de volgende keer”was het laatste wat ik hoorde. Hierna veranderde het bloed in water. Er werd een naakte man gevonden.
Wat ik hieraan mooi vind is de gemoedelijkheid van de bijeenkomst van God, Duivel, Dood en de Ik. Erg leuk fragment: ik nam plaats naast de duivel...
Leuk idee voor een verhaal en mi ook goed uitgewerkt. Waar het hier en daar nog wel aan schort is de schrijfstijl. Deze vind ik nergens bijzonder, vaak een beetje saai zelfs. De zin: het gas... het gesprek, klopt niet.
De laatste twee zinnen zou ik schrappen. Ze voegen niets toe.
Reageer op deze discussie Om een reactie te plaatsen, dien je je eerst te registeren.
Nieuwe discussie starten in: Eigen werk: proza (registreren)
Forumoverzicht: