Schrijven: algemeen

Terug naar: Schrijven: algemeen

Literatuur publiceren zonder geld of connecties?

Plaats een reactie (registreren)
Ene Richard Brand betoogt in de rubriek "Watuzegt" van De Telegraaf dat literatuur tegenwoordig niet anders betekent dan "connecties of geld, of beide", en noemt het zinloos om een manuscript in te sturen als je niet aan die "voorwaarden" kunt voldoen...

Literatuur draait om geld en connecties

Vroeger dacht ik dat het woord 'literatuur' een bepaalde taalkunst inhield: gedachtenspinsels met artistiek waarden. Maar dat is niet zo. Helaas.

Literatuur betekent niets anders dan: connecties of geld, of beide. Als je een uitgever zoekt voor je roman, hoe geniaal en mooi ook, dan heb je op zijn minst een van deze componenten nodig. Zo niet, is het zinloos je manuscript in te sturen.

Het kan niet anders dan dat de gevierde schrijvers van vandaag waardevolle connecties hadden, of geld. Veel geld. Bij wijze van uitzondering zal er één geluk hebben gehad.

Is dit het wrok van een auteur die het genie simpelweg niet in zich had, of zit er misschien toch waarheid in de stelling?
Ik vind het onzin, tegenwoordig heb je geen uitgever nodig om je werk te publiceren. Het publiceren en verkopen van werk is met het internet heel eenvoudig en bijna kosteloos, ook kun je zelf boeken laten drukken.

Maar ja als je wilt publiceren vooral om geld te verdienen dan zul je er best aan doen dit over te laten aan uitgevers die daar verstand van hebben, zij heten niet voor niks uitgevers. Maar dan vind ik het hypocriet om uitgevers te verwijten dat zij het ook voornamelijk voor het geld doen. En ja, goede literatuur verkoopt niet noodzakelijk goed.

http://www.scribd.com/ is een voorbeeld van een platform waarop je boeken kunt publiceren, eventueel voor een prijs.
Hier is de fictie afdeling: http://www.scribd.com/explore/Books-Fiction
Veel mensen die niet schrijven voor hun werk, zijn niet gewend aan de kritsche blik van een buitenstaander. Toen ik mijn eerste stappen in de journalistiek zette, was ik tot op het bot beledigd als ik commentaar kreeg van een eindredacteur, of als een idee werd afgeschoten bij een vergadering. Later leer je daar mee om te gaan, en dat goede stukken de toets der kritiek doorstaan, dat iedere schrijver beter af is met sterke eindredactie. Voor mensen die enigszins manisch hun avonduren stukslaan op een manuscript dat ze verder alleen laten lezen aan hun geliefde en hun moeder, valt de dagelijkse praktijk soms wat rauw op het dak. Ik heb de indruk dat dit ook hier het geval is.

Een goed manuscript vindt - mits je weet hoe je het moet aanbieden - zijn weg naar de lezer uiteindelijk wel. We leven trouwens in een tijd waarin zelf publiceren naar verhouding spotgoedkoop is, dus wie overtuigd is van zijn kunnen kan voor die weg kiezen. Is ook nog eens bloedromantisch.

Maar eerlijk waar: wie een manuscript goed aanbiedt en het gaat ergens over, vindt gehoor bij een uitgever. Natuurlijk lukt t niet altijd meteen. Zo liet Albert Verwey Couperus links liggen: hij zag er niets in. We weten hoe t afliep. Smaken verschillen nu eenmaal...
Zelf een boek uitgeven of een boek uitgeven via een pod-uitgever is voornamelijk bedoeld voor vrienden en kenissen. Meer mensen zullen dan uw boek niet lezen. Met extreem veel reclame (investeren)misschien een paar kenissen van kenissen.
Dat een goed manuscript uiteindelijk zijn weg naar de lezer wel vindt, vind ik een mooie droom. Vooral niet loslaten, zou ik zeggen. Natuurlijk hebben de bestsellers hun weg gevonden, maar was dat zonder geld en/of connecties?
Ik denk dat "talent" en "volhouden" belangrijker is dan geld/connecties.
Een uitgever heeft er baat bij wanneer hij goede manuscripten uitgeeft. Uiteindelijk is zijn/haar succes daarvan afhankelijk.
(zo min mogelijk kosten tegen een zo hoog mogelijke opbrengst)

Een slecht boek verkoopt niet hoeveel geld je er ook tegenaan gooit. Een goed boek wel. Het duurt wellicht wat langer zonder veel geld.
Talloze BN-ers geven boeken uit - goedverkopende boeken. Maar weinigen hebben schrijfkwaliteiten. Er gaan een aantal redacteuren over hun teksten heen, net zo lang tot het ergens op lijkt ... Het is een kwestie van gunnen. Uitzonderingen daargelaten.
Waarom ziet niemand dit in? Is dit een heilig huisje? Een gekoesterde hobby?
Literatuur is grotendeels redactionele business. Handjeklap. Peter Buwalda was redacteur, Kluun redde het niet zonder kruiwagen, Koch ...
Slechte boeken verkopen prima, de winkels liggen er vol mee, zelfs na grondige redactie.
Beste Richard,

Ik ben het op zich met je eens als je zegt dat uiteindelijk slechts weinig mensen worden uitgegeven. Dat heeft onder meer te maken met het feit dat mensen die echt iets te melden hebben en dat ook nog eens goed kunnen opschrijven bijzonder zeldzaam zijn. Maar in de ware literatuur wint de kwaliteit: een sterke roman vindt zijn weg naar de lezer, al is die weg soms lang.

Je wijst in je tweede commentaar op de karrenvracht aan bn'ers die 'hun verhaal' vertellen aan de volksstammen die naar RTL Boulevard kijken. Ik weet natuurlijk niet of je plannen hebt ons met bestsellers om de oren te slaan. Maar: als je droomt van het bijeen schrijven van een flink verzameld werk in dat segment, dan stel ik inderdaad voor dat je naar Volendam verhuist en een loopbaan als zanger begint: wie weet mag je bij de Tros voor de camera. En inderdaad dan kom je met je hoofd op de omslag van een boek. Alleen heb je er in dat geval waarschijnlijk geen letter zelf van geschreven: je bent het plaatje. De tekst ponst een ghostwriter voor je in.

Volgend punt: waarom zou een redacteur zelf geen boek kunnen schrijven? Natuurlijk is een beetje uitgever niet gek: er wordt voor een post als die van Buwalda naar iemand gezocht die verstand heeft van verteltechnieken en gevoel heeft van taal. En natuurlijk zullen collega's sneller ontvankelijk zijn voor een manuscript van een naaste: de gun-factor bestaat overal, dus hier ook. Het betekent echter niet dat je als 'grote onbekende' kansloos bent.

Je bent wel kansloos als je jezelf van tevoren voorhoudt dat het toch niet gaat lukken. Helemaal als je anderen verwijt dat ze wel succesvol zijn. Als iemand echt een goed manuscript heeft en het deksel op de neus krijgt? Echt waar: in eigen beheer uitgeven in een kleine oplage en na goede vormgeving nogmaals aan de dames en heren uitgevers opsturen. Volharding! J. K. Rowling werd meer dan tien keer afgewezen voor ze haar handtekening mocht zetten onder een uiterst lullig contractje. Je kent de rest van het verhaal...

Overigens intrigeert je verhaal over Buwalda me enigszins, in die zin dat ik me afvraag wanneer in jouw ogen iets vriendjespolitiek wordt. Stel dat je als beginnend schrijver meedoet aan een essaywedstrijd en je hebt geluk: Tilly Hermans zit in de jury en ze vindt je tekst mooi, geeft je haar kaartje en een paar nuttige tips. Je stuurt twee jaar later een manuscript op naar haar uitgeverij en je hebt gezorgd dat ze heeft onthouden wie je bent: ben je dan binnengkomen op je kwaliteit of op basis van je connecties? Ik ben overtuigd van optie 1: je hebt talent nodig, volharding, het lef om te wedijveren met andere schrijvers. Daar word je gewoon ook beter van..

Er zijn tal van platforms waar mensen hun kunsten kunnen verkopen: dit soort wedstrijden is maar een alledaags voorbeeld. Ik ken dichters die via vergelijkbare competities in de debutantenreeks van Gerrit Komrij terecht zijn gekomen en sindsdien een loopbaan hebben in de letteren. Natuurlijk verkoopt een dichtbundel minder dan 'Mijn verhaal na zes jaar pretnison' van een willekeurige b-artiest die wordt gesponsord door Linda de Mol. Maar die laatste boeken noemen we toch geen literatuur?
Op zich niet onaardig Thijs. We zijn het op veel punten eens: weinigen worden uitgegeven, die BN'ers, de gun-factor ...
Echter, 1 % van de onbekende Nederlanders maakt kans te worden uitgegeven door een gerenomeerde uitgeverij, daarvan wordt 1 % een succes: 1 promille dus. Het kan toch niet zo zijn dat alle talent, buiten het literaire circuit, het met die ene procent moet doen? Daarvoor loopt er te veel talent rond.
Wat mij stoort is de auteur die voor de tv, met een brok in zijn keel, verklaart hoe hard hij gewerkt heeft - en uiteindelijk een prijs wint - meestal een vriend van de uitgever blijkt. ' (heeft niets met afgunst te maken).
Dat neemt niet weg dat voormalig redacteuren, vriendjes, etc. geen mooie boeken kunnen schrijven. De literaire werkelijkheid is dat ze 99% van de markt innemen. Buwalda kreeg voordat hij ook maar een letter op papier had gezet veertigduizend euro van zijn uitgever overgemaakt.

Zonder geld en/of connecties ben je niet kansloos, maar vrijwel kansloos.
ps Thijs, je kunt je betoog onderbouwen door te verklappen wat 'ware literatuur' is?
Om te beginnen met je laatste vraag: ik zou nu kunnen wijzen naar de lijstjes die je elders op dit forum treft: lees de boeken die je daar vindt en je bent dicht bij het antwoord.

Maar dat is flauw. Er is geen sluitende definitie voor wat ware literatuur is, maar ik zal je de mijne geven. Het is een experiment, maar ik vroeg er natuurlijk een beetje om. Het zal wel een beetje gaan ronken, maar what gives? In de ware literatuur komen ambitie, kennis en kunde samen op originele wijze. Verrast mensen, zet ze tot denken aan, geeft nieuwe inzichten, biedt troost, moedigt aan, brengt vervoering, drijft mensen tot wanhoop, zet aan tot woede. Kaapt je weg uit de trein naar je werk en plaatst je bijvoorbeeld op 19e eeuws plein in Sint Petersburg. En dan moet het ook nog eens geschreven zijn door iemand met een briljant gevoel voor taal.

Er zijn heel erg weinig mensen zo goed dat ze al die kenmerken tot een smaakvol geheel kunnen brouwen. Daarom deel ik je optimisme niet als je het hebt over de hoeveelheid talent. Er zijn best veel mensen met een leuke pen, maar er zijn er weinig die echt door de muze zijn gekust.

Ik denk dat de gerenommeerde uitgeverijen een werkwijze hebben die een beetje vergelijkbaar is met dat van een grote voetbalclub: wie daar in het eerste speelt, is vaak gescout tijdens een jeugdtoernooi in de provincie. Heeft eerst nog een tijdje zijn kunsten vertoond in de marge van het derde team en moest zich daar bewijzen voordat hij een kans maakte in de selectie van het eerste. Bij die afvalrace sneuvelen duizenden vermeende talenten.

Zo gaat het ook in de kunst: iemand die op zijn zolderkamer gedichten schrijft voor zijn moeder, weet pas hoe goed ze zijn als hij ze kan vergelijken met de teksten van zijn buurjongen. Heeft die persoon talent en wil hij door, dan zal hij zijn werk een keer voorleggen aan de redacteur van een kunstrubriek, meedoen met wedstrijden: eerst plaatselijk, dan regionaal, dan landelijk. Tegen de tijd dat hij is doorgebroken, heeft hij inderdaad een netwerk in de letteren.

Alleen: dat is geen complot en geen vriendjespolitiek. Een uitgever die het risico aangaat zijn boek uit te geven, heeft kunnen zien hoe hard iemand er voor heeft gewerkt. Kan beamen dat de schrijver een van de grootste talenten van zijn generatie is vanwege het referentiekader dat met de tocht naar een contract is ontstaan. Die zich - bijvoorbeeld als redacteur van zijn uitgeverij - heeft kunnen laven aan de ideeën van andere schrijvers en de discussie is aangegaan over passages die auteurs hebben aangeleverd volgens hem niet deugden. Dat zo'n persoon op een zeker moment zijn baas weet te overtuigen, is toch niet storend? Dat is loon naar werken. Dus de verklaring die je in je eerdere reactie als ergerlijk omschrijft, is in mijn optiek meestal waarheidsgetrouw.

Ongetwijfeld laten de grote huizen wel eens een talent lopen dat ze niet kennen. Ik zie op zich de romantiek van de sprong in het diepe wel, maar als je ervan bewust bent dat een uitgever boeken op de markt brengt om geld te verdienen, dan is het natuurlijk logisch dat ze liever in zee gaan met iemand die ze kennen en vertrouwen dan met iemand van wie ze nog nooit hebben gehoord en out of the blue een ideetje pitcht. Die krijgt vaak dan weer wel de kans om tot het kringetje toe te treden. En dan is het een kwestie volhouden. Of toch genoegen met een kleiner huis, een internetpublicatie of een boek in eigen beheer.
Het zou mij niets verbazen als de cultus rond literatuur een overblijfsel is uit het christendom.
Vroeger wezen de profeten naar de horizon, nu de gevierde schrijvers. Hoewel in deze religie god is vervangen door de uitgever, zou eigenlijk niemand je dit mogen ontnemen. Fantasie maakt het leven draaglijk. Anyway, god terzijde.

De vergelijking van de voetballer met de schrijver gaat volledig mank. Zelfs de zonen van befaamde trainers ontkomen niet aan het kritische oog langs de lijn, ze zullen worden gedegredeerd bij wanprestatie. In de literatuur vindt het tegenovergestelde plaats: de redactie zal het werk van een connectie blijven corrigeren tot het verkoopbaar is. En, competitie in de kunst? Wie is de winnaar? Wie bepaalt dat?

De schilderijen van Van Gogh waren in zijn tijd onverkoopbaar, er werd een schilderij als deurtje voor een kippenhok gebruikt. Tot er een artikel verscheen van recensist die zich wilde profileren. Er werd door belanghebbenden een cultus gebouwd rond de impressionisten. Uiteindelijk geloofde men.

Wat kon/kan het de uitgevers schelen hoe hard Van Gogh werkte?
Allereerst vraag ik me af waar je de aanname vandaan haalt dat een redactie eindeloos aan het werk gaat om een slecht boek op de markt te zetten? Als in een tekst te veel tijd gaat zitten, houdt het gewoon op: dan wordt eindredactie te duur (NB: ik heb het hier over literatuur, niet over de uitgeverijen die zich bezighouden met meesterwerken als het levensverhaal van Frank Masmeijer).

Daarnaast gaat de vergelijking met voetbal lang niet zo mank als je denkt: een jeugdspeler wordt immers gecoacht, wordt bijgeschoold in dingen als tactiek, spelhervattingen, werkt aan zijn conditie voor hij in het eerste terecht kan komen. Daar heeft een technische staf vaak een enorme kluif aan.

Competitie in de kunst: jazeker. Je hebt nog nooit van essaywedstrijden, dichtersmarathons etc. gehoord? Vaak komt het betere werk daar wel boven drijven. Bovendien ga je voorbij aan het gegeven dat een uitgeverij ook een bedrijf is - dat stipte ik hierboven al aan. Dat betekent dat er geld moet worden verdiend en dat betekent bovendien dat ze niet iedereen met een globaal idee voor een roman ook daadwerkelijk een plek in de schappen van Selexyz of op de homepage van Bol in het vooruitzicht kunnen stellen.

Dus zie hier de situatie: vele duizenden ambiëren een loopbaan als schrijver. Uitgeverijen hebben plaats voor enige honderden schrijvers: daardoor ontstaat wedijver en competitie en de uitgeverijen bepalen in eerste instantie wie wint. Dat 'eerste instantie' is belangrijk, want vervolgens moet het publiek het ook te pruimen vinden. Schrijvers met alleen een marketingbudget en geen inhoud vallen doorgaans door de mand.

En natuurlijk kiest een uitgever eerder voor iemand waarvan hij het werk kent, of waarover hij goede verhalen hoort van mensen die hij hoog aanslaat. Om nog even terug te grijpen op de voetbalmetafoor: stel dat een trainer aan de vooravond van een belangrijke wedstrijd geconfronteerd wordt met een paar gaten in zijn wedstrijdselectie, waar haalt hij dan de vulling vandaan? Uit het tweede team. Niet van het schoolplein waar hij op weg naar huis langs rijdt en een paar jochies ziet ploeteren, hoe leuk ze dat ook doen. Als hij zijn werk goed doet, zal hij die gastjes eens meenemen voor een testje bij zijn club. Wie weet wat er volgt.

Dan nog wordt een doodenkele keer een miskend talent over het hoofd gezien: soms is iemand met zijn werk de tijd te ver vooruit, of het werk is gewoon te complex. Je neemt Vincent van Gogh als treffend voorbeeld, maar je weet toch dat die al meer dan 120 jaar dood is? Als er hele volksstammen van dit soort genieën rondliepen, had je echt een recenter voorbeeld gehad. Van mensen die de regels van het spel wijzigen zijn er iedere generatie echt maar een paar. Van die groep kiest een enkeling voor de kunst, en als je dan geluk hebt wordt die persoon bij leven en welzijn als genie erkend. Er is geen systeem te bedenken waarin je deze mensen vroeg oppikt en voorstelt aan het grote publiek: ieder mechanisme is niet of slechts voor een klein deel op die groep van toepassing.

En zelfs als zo'n genie wel wordt opgepikt, dan heeft het vaak nog weinig zin want het grote publiek vreet het negen van de tien keer niet. Dat laatste was overigens het geval bij Vincent van Gogh: die had goede connecties in de kunsthandel - onder meer via zijn broer Theo - maar het donderde niet: mensen hadden domweg te nauwelijks belangstelling. Gelukkig bleef Van Gogh schilderen 'voor vrienden en familie'. Je zou dus kunnen zeggen dat hij veel schilderijen in eigen beheer heeft gemaakt. Hebben we nu nog een hoop plezier van. Dus ik hoop maar dat al die genegeerde talenten die je vermoedt het doorzettingsvermogen van je voorbeeld volgen en lekker in eigen beheer een boek uitgeven.

Terzijde: zoals je aan de omvang van mijn reacties kunt aflezen, vind ik dit een vermakelijke discussie. Toch vraag ik me steeds meer af waar je je eigenlijk zo druk om maakt. Wat is er zo ontluisterend aan een redacteur die met een voorschot van de uitgever aan een boek begint, dat je er een brief over schrijft aan de Telegraaf? Je geeft aan dat het niet met afgunst te maken heeft, maar wat is het dan wel? En ik bedoel dit dus niet als sneer of zo. Maar echt: als je er van overtuigd bent dat we tal van meesters missen omdat de uitgeverijen het te druk hebben met hun vriendjes, dan houdt niemand je toch tegen om manuscripten te gaan verzamelen en beoordelen tot je genoeg hebt om (indien nodig met geldschieters) zelf een uitgeverij te beginnen?
Als je Grunberg en Ronaldo over een kam wilt scheren, dan vind ik dat prima. Er zijn wel vreemdere vergelijkingen gemaakt. Zelf had ik het zo ver niet willen laten komen. Ik stel voor dat voortaan na de voetbaluitslagen, de literatuuruitslagen bekent worden gemaakt.

Als een branch op slot zit, verschijnen er altijd organisaties die daar wat aan kunnen verdienen. Voor schrijfwedstrijden is dan ook animo genoeg. Ik zal niet ontkennen dat er ooit iemand doordringt tot de uitgevers; de loterij wordt ook elke maand gewonnen.

Dat van Gogh schilderde voor vrienden en familie is complete onzin. Connecties had hij aanvankelijk wel, maar hij had ook een gaatje in zijn hoofd waardoor er maar 1 connectie overbleef. Lieve Theo zelfs vond het werk van zijn broer onverkoopbaar. Hij heeft 1 maal een paar exemplaren op een expositie getoond. Van Gogh een genie noemen, is achteraf makkelijk praten. In zijn tijd had hij daar niet genoeg bewonderaars voor (eigenlijk niemand).

Zelf heb ik geen pretenties een uitgerij te beginnen, ik zou ook geen enkele kans maken. De lakens zijn verdeeld. Een serieuze nieuwkomer zal over genoeg kapitaal moeten beschikken om ertussen te komen. Misschien dat Joop van den Ende interesse heeft?

'Waar ik me eigenlijk zo druk om maak?' De WUZ is een site waar men een krabbelte kan plaatsen. Dit onderwerp leek me de moeite om er een stelling aan te wijden.
Beste Richard, dit lijkt me een mooi moment om de discussie van mijn kant te sluiten. We worden het niet eens en in je laatste reactie verdraai je mijn repliek op zo'n manier dat het geen zin heeft er op te blijven ingaan. Het wordt te veel een herhaling van zetten. Succes met de strijd!

Overigens beveel ik je van harte aan om aan een paar andere discussies deel te nemen: onder het kopje 'wat lees jij momenteel, en wat vind je er van? gaat het op dit moment onder meer over Tommy Wieringa en John Steinbeck...maar dan wel over hun werk en niet over hun connecties. Misschien vind je dat ook leuk...
Reageer op deze discussie Om een reactie te plaatsen, dien je je eerst te registeren.
Nieuwe discussie starten in: Schrijven: algemeen (registreren)
Forumoverzicht: