- Chimaera
- Geregistreerd lid
- Lid sinds: 6 juli 2011
- Berichten: 22
- Stuur privé-bericht
- Meld een probleem
Goeie vraag. En eentje waar ik zelf ook mee worstel, als ik eerlijk ben. Ik schrijf al heel erg lang, mijn eerste afgewerkte stuk schreef ik op achtjarige leeftijd (en ik ben nu 24). Tot mijn zeventiende schreef ik hele rollen papier vol, maar daarna liep het een beetje spaak allemaal.
Laat ik beginnen met de kwestie levenservaring. Eerlijk gezegd heb ik, als rasechte huismus, in mijn leven niet zoveel speciaals meegemaakt. Wil dat zeggen dat ik nooit iets degelijks zal schrijven? Nee, dat denk ik niet. Taalgevoel speelt een grote rol - zelfs de oninteressantste gebeurtenis kan onderwerp zijn van een verhaal of gedicht, als het maar goed beschreven is. Er bestaat ook zoiets als fantasie. En waardering voor de kleine dingen des levens, het soort levenservaring dat je onherroepelijk en onvermijdelijk opdoet. Daar zit voor mij een hele grote inspiratiebron: familieanekdotes, een eend die op het dak van een auto zit, een treinrit.
Overigens is ieder verhaal dat ik ooit heb proberen te baseren op de grote gebeurtenissen uit mijn eigen leven onherroepelijk op de klippen gelopen. Het lijkt dan wel of je je eigen leven wil opruimen - je probeert een coherente plot te maken uit de hele chaos van de situatie waarin je beland bent. Dat werkt een tijdje, maar terwijl je schrijft gaat het leven door en zijn er steeds nieuwe verwikkelingen die je hele verhaal in de war laten lopen. Of, als dat niet gebeurt, begin je je af te vragen of je wel een happy end mag schrijven. Want ligt daar geen vloek op? Zorgt dat er niet voor dat je in het echte leven sowieso niet krijgt wat je zo graag zou willen? Het is me altijd opgevallen dat niets ooit loopt zoals ik het me inbeeld.
Bovendien: heftige emotie is niet gelijk aan kwalitatief schrijven. Of, zoals een jury van een schrijfwedstrijd het ooit zei: "veel drama maakt nog geen theatertekst". Of die commentaar op mijn inzending doelde, heb ik nooit zeker geweten, maar ik heb het altijd wel persoonlijk genomen. En eruit geleerd.
Ik persoonlijk ben op m'n best wanneer ik mijn fantasie gewoon los laat, schrijf over iets wat niks - of slechts in de details, zoals een locatie - met mijn leven te maken heeft.
En dan de leeservaring. Die heb ik wel, mede dankzij mijn halve decennium aan de faculteit letteren van de lokale universiteit. Wat heb ik daaruit geleerd? Wel, in de eerste plaats blijkt literatuur gaan studeren is niet goed te zijn voor het vertrouwen in je eigen schrijverskunnen. Ik weet van mezelf dat ik heel makkelijk beïnvloed kan worden door de stijl van een auteur (ik heb nog ergens een afschuwelijke Mutsaers-imitatie liggen). Ook de inzichten en meningen van professoren - die het wel beter wisten dan ik, dacht ik - hebben bij momenten een nefaste invloed gehad. Ik had altijd ongecompliceerde dingen geschreven (een detective, een stel fantasyverhalen en een hele collectie eenvoudige poëzie). En laat je nu net in de literatuurstudie leren dat dat soort verhalen niet de moeite waard zijn. Gevolg: ik heb jarenlang geprobeerd om literair te schrijven. Mislukt, natuurlijk.
Ja, je moet lezen, veel lezen om een verhaal te kunnen schrijven. Maar je moet er ook niet mee gaan overdrijven, want dan gaat je zelfvertrouwen eraan kapot en schrijf je gewoon helemaal niks meer. Of dwing je jezelf in een keurslijf. En wie in een keurslijf zit, schrijft niet meer vlot. Die begint (echt waar) een roman te schrijven met een plot die draait op woordspelingen.
Ik heb er nog altijd last van, van die universitaire opleiding. Maar zo stilaan begint het tot me door te dringen dat het verhaal waar ik al jaren aan werk misschien niet meer is dan een kruising van fantasy en detective. En dan schrijf ik eigenlijk liever een degelijke pulproman dan een slecht, pseudo-literair werk.
Vergeef me dat ik zo lang van stof ben geweest, maar het is een onderwerp dat me na aan het hart ligt. ;)