Toen mijn hart klem zat
Waar ik zal beginnen? Ik heb geen flauw idee. Niet bij het begin, simpelweg omdat dat te lang duurt voor ik uitkom bij het einde. Althans, dat moment dat zich nu afspeelt en nog niet genoemd mag worden uit voorzorg. Voorzorg treffen is een van mijn sterkste kanten, kan ik u wel vertellen. 'Iets waar ik trots op mag zijn.' Zou mijn moeder zeggen. Uiteindelijk belandde ik in ieder geval op het punt dat mijn hart klem begon te zitten. 'Een hart dat klem zit, dat is gek en toch eigenlijk helemaal niet mogelijk?' Hoor ik u al denken. Welnu, mij overkomen de gekste dingen en dit is er dus een van. Het is al een tijd geleden, neem mij niet kwalijk als er wat details achterwege blijven. Ik maak mij hier weleens druk over, omdat ik mij erop betrap bepaalde gebeurtenissen dusdanig in detail te vertellen dat het andere mensen verveelt. Zij weten uiteraard niet dat ik dit puur doe uit zelfbescherming. Op het moment namelijk, dat alle details kloppen en elk lichtje, elke kleur en geluid uiteindelijk samenkomen en uitmonden in een perfect rond verhaal, zij mij nooit betrappen kunnen op een onwaarheid. Dat maakt mij een beter mens.
De dag dat mijn hart klem zat was een dag zoals alle andere. Behalve dan dat ik net nieuw schoeisel had gekocht. Iets wat ik zelden doe. Mijn laatste paar stamt uit 2001 en hebben jarenlange dienst bewezen. Tot ik Haar leerde kennen en Zij mij vertelde dat deze 'sneakers' écht uit de tijd zijn. Ik ben haar nog steeds dankbaar, want zonder dit inzicht kan ik met zekerheid stellen dat ik hier nu niet meer zou staan. Net zoals dat ik zonder Haar ook nooit had geweten hoe bananentaart smaakt. Een echte aanrader overigens, als u het mij vraagt. Afgezien van dat, was het een dag als alle andere dagen van de week. Een dinsdag zelfs, als ik het goed heb. U weet net zo goed als ik dat dinsdagen het minst speciaal zijn van de hele week. De dinsdag staat voor het einde van het begin en het begin van een week die alleen op dinsdag nooit lijkt te eindigen, aangezien er nog 4 hele dagen te gaan zijn voordat het weekend aanbreekt. Op die bewuste dinsdag regende het ook. Motregen, welteverstaan. Typisch, nietwaar? Het motregent vrij vaak. Ik verdenk de dinsdag er zelfs van dit aan te trekken, gewoon om een punt te maken. 'Hallo Nederlanders, ik ben dinsdag en ik ga vandaag lekker een potje motregenen!' Als ik Dinsdag was geweest had ik dat ook gedaan denk ik.
Ik probeerde de regendruppels zo goed en zo kwaad als het kon te ontwijken terwijl ik richting de tram liep. Zoals gewoonlijk in gedachten verzonken. Ik weet niet meer waar ik aan dacht, hoogstwaarschijnlijk aan het weer of aan thuis. Of aan Haar. Ja, waarschijnlijk dacht ik aan Haar. Zij is namelijk bijna het enige waar ik aan denk als ik niet slaap of mijn boodschappen afreken. Dus ik weet nog dat ik over straat liep, met mijn nieuwe schoenen door de motregen en aan haar dacht. Ik rook haar haar zoals ik mij vaker inbeeld haar haar te ruiken, ik voelde haar zachte huid tegen mijn wangen en besefte mij dat ik pas sinds ik haar ontmoet had wist hoe het voelt om te leven. Om te voelen en niet te hoeven denken aan alle vergane glorie die de wereld met zich meedraagt. Zij heeft mij leren genieten en geloven en lachen en dansen, zoals ik niet wist dat ik dat kon. Tot ik haar leerde kennen waren al mijn dagen dinsdagen, en zo ging ik het leven door. Ik stond even stil. Iets wat ik nooit doe en keek in de verte. Voor zover er verte was, aangezien het stadse leven vooral zeer hoge gebouwen met zich meebrengt waar een normaal mens niet overheen kan kijken. Toen ik mij besefte dat de verte geen verte was keek ik naar mijn nieuwe veters, die in mijn nieuwe schoenen geregen zaten. Ik bukte mij zonder dat ik erbij nadacht om ze wat vaster te maken en bleef ongeveer halverwege hangen. Een steek door mijn borstkas, precies in het midden op de plek waar mijn hart zat. Zat, inderdaad. Ik weet namelijk niet meer wanneer, ik geloof zelfs dat ik sliep, maar Zij heeft mijn hart uit mijn lichaam gehaald en het ergens verstopt. Ik heb haar nog vaak gevraagd naar de bedoeling van deze actie, maar dan kijkt ze me aan en krult haar mondhoeken zoals zij dat zo lief kan. Dan wil ik eigenlijk ook niets anders dan haar vasthouden en vertellen dat ik haar zo liefheb.
Toch voelde ik een snerpende pijn op de plek waar mijn hart hoort te zitten en terwijl ik mijn lichaam weer in staande positie bracht, leek het alsof mijn borstkas uit zijn voegen barstte. Alsof er iets klem zat. Mijn hart dus, bleek later logischerwijs. Het duurde maar een paar seconden, vijfhonderdste van een minuut, maximaal. Toch duurde dit tafereel lang genoeg om mij te doen beseffen dat alles maar van tijdelijke aard is. In dit korte tijdsbestek ben ik namelijk even gestopt met leven. Even maar.
Waar ik zal beginnen? Ik heb geen flauw idee. Niet bij het begin, simpelweg omdat dat te lang duurt voor ik uitkom bij het einde. Althans, dat moment dat zich nu afspeelt en nog niet genoemd mag worden uit voorzorg. Voorzorg treffen is een van mijn sterkste kanten, kan ik u wel vertellen. 'Iets waar ik trots op mag zijn.' Zou mijn moeder zeggen. Uiteindelijk belandde ik in ieder geval op het punt dat mijn hart klem begon te zitten. 'Een hart dat klem zit, dat is gek en toch eigenlijk helemaal niet mogelijk?' Hoor ik u al denken. Welnu, mij overkomen de gekste dingen en dit is er dus een van. Het is al een tijd geleden, neem mij niet kwalijk als er wat details achterwege blijven. Ik maak mij hier weleens druk over, omdat ik mij erop betrap bepaalde gebeurtenissen dusdanig in detail te vertellen dat het andere mensen verveelt. Zij weten uiteraard niet dat ik dit puur doe uit zelfbescherming. Op het moment namelijk, dat alle details kloppen en elk lichtje, elke kleur en geluid uiteindelijk samenkomen en uitmonden in een perfect rond verhaal, zij mij nooit betrappen kunnen op een onwaarheid. Dat maakt mij een beter mens.
De dag dat mijn hart klem zat was een dag zoals alle andere. Behalve dan dat ik net nieuw schoeisel had gekocht. Iets wat ik zelden doe. Mijn laatste paar stamt uit 2001 en hebben jarenlange dienst bewezen. Tot ik Haar leerde kennen en Zij mij vertelde dat deze 'sneakers' écht uit de tijd zijn. Ik ben haar nog steeds dankbaar, want zonder dit inzicht kan ik met zekerheid stellen dat ik hier nu niet meer zou staan. Net zoals dat ik zonder Haar ook nooit had geweten hoe bananentaart smaakt. Een echte aanrader overigens, als u het mij vraagt. Afgezien van dat, was het een dag als alle andere dagen van de week. Een dinsdag zelfs, als ik het goed heb. U weet net zo goed als ik dat dinsdagen het minst speciaal zijn van de hele week. De dinsdag staat voor het einde van het begin en het begin van een week die alleen op dinsdag nooit lijkt te eindigen, aangezien er nog 4 hele dagen te gaan zijn voordat het weekend aanbreekt. Op die bewuste dinsdag regende het ook. Motregen, welteverstaan. Typisch, nietwaar? Het motregent vrij vaak. Ik verdenk de dinsdag er zelfs van dit aan te trekken, gewoon om een punt te maken. 'Hallo Nederlanders, ik ben dinsdag en ik ga vandaag lekker een potje motregenen!' Als ik Dinsdag was geweest had ik dat ook gedaan denk ik.
Ik probeerde de regendruppels zo goed en zo kwaad als het kon te ontwijken terwijl ik richting de tram liep. Zoals gewoonlijk in gedachten verzonken. Ik weet niet meer waar ik aan dacht, hoogstwaarschijnlijk aan het weer of aan thuis. Of aan Haar. Ja, waarschijnlijk dacht ik aan Haar. Zij is namelijk bijna het enige waar ik aan denk als ik niet slaap of mijn boodschappen afreken. Dus ik weet nog dat ik over straat liep, met mijn nieuwe schoenen door de motregen en aan haar dacht. Ik rook haar haar zoals ik mij vaker inbeeld haar haar te ruiken, ik voelde haar zachte huid tegen mijn wangen en besefte mij dat ik pas sinds ik haar ontmoet had wist hoe het voelt om te leven. Om te voelen en niet te hoeven denken aan alle vergane glorie die de wereld met zich meedraagt. Zij heeft mij leren genieten en geloven en lachen en dansen, zoals ik niet wist dat ik dat kon. Tot ik haar leerde kennen waren al mijn dagen dinsdagen, en zo ging ik het leven door. Ik stond even stil. Iets wat ik nooit doe en keek in de verte. Voor zover er verte was, aangezien het stadse leven vooral zeer hoge gebouwen met zich meebrengt waar een normaal mens niet overheen kan kijken. Toen ik mij besefte dat de verte geen verte was keek ik naar mijn nieuwe veters, die in mijn nieuwe schoenen geregen zaten. Ik bukte mij zonder dat ik erbij nadacht om ze wat vaster te maken en bleef ongeveer halverwege hangen. Een steek door mijn borstkas, precies in het midden op de plek waar mijn hart zat. Zat, inderdaad. Ik weet namelijk niet meer wanneer, ik geloof zelfs dat ik sliep, maar Zij heeft mijn hart uit mijn lichaam gehaald en het ergens verstopt. Ik heb haar nog vaak gevraagd naar de bedoeling van deze actie, maar dan kijkt ze me aan en krult haar mondhoeken zoals zij dat zo lief kan. Dan wil ik eigenlijk ook niets anders dan haar vasthouden en vertellen dat ik haar zo liefheb.
Toch voelde ik een snerpende pijn op de plek waar mijn hart hoort te zitten en terwijl ik mijn lichaam weer in staande positie bracht, leek het alsof mijn borstkas uit zijn voegen barstte. Alsof er iets klem zat. Mijn hart dus, bleek later logischerwijs. Het duurde maar een paar seconden, vijfhonderdste van een minuut, maximaal. Toch duurde dit tafereel lang genoeg om mij te doen beseffen dat alles maar van tijdelijke aard is. In dit korte tijdsbestek ben ik namelijk even gestopt met leven. Even maar.