Hoi! Dit is mijn eerste post hier, Ik schrijf veel, maar alleen voor mezelf, en vind het nu eens tijd worden om iets met anderen te delen. Wat ik schrijf is voornamelijk persoonlijk, of gaat juist over zo'n grote existentiële twijfel, dat ik het niet duidelijk op papier krijg.
De volgende flarden gaan over treinreizen, waarbij ik momenten beleefde dat ik alles begreep of juist weer niets. Ik hoop dat ik mijn overwegingen begrijpelijk heb kunnen maken.

Treinreisdagen

08/15 Treintwijfels
We reizen sneller en dus verder, we verplichten onszelf alle tijd te benutten. Ons hoofd is overal verspreid, bezig met later, met dingen die nog moeten. We hebben een tweede persoon in de vorm van letters, teksten, beelden. We denken dat onze digitale gegevens onszelf definiëren en kunnen op elk moment iets aan onszelf veranderen, getalletjes wijzigen, foto's verspreiden om te laten zien dat we nog meedraaien, delen hoe leuk we het nu hebben. Maar het gaat niet meer om nu. Door dat kleine schermpje zijn we overal behalve hier, zijn we alles behalve nu. We bellen, teksten, delen alsof het alles is wat we zijn. Wat een tijdsverspilling als we eens met de wereld om ons heen bezig zouden zijn.

07/15 Reizen naar niets
Ik probeer te raden wat mensen precies zijn van elkaar, op wie ze wachten en waar ze heen gaan. Ik loop mee met een sigaret en met de stoet, ik denk dat ik ze volg naar de plek waar ik heen wil. En opeens vertraag ik mijn pas want ik heb helemaal geen haast. Zet alles misschien wel even uit, in de hoop eens goed te verdwalen. Langs Kees Kroket en oneindige schoenenwinkels, ik heb zin om wat te kopen, een herinnering af te rekenen en dan iets eten misschien.
Vandaag ga ik lopen.

05/15 Niemand
Er zitten Italianen naast me. Of in ieder geval iets buitenlands, eigenlijk interesseert het me niet zo. Ze zitten met grote koffers in mijn ruimte, ze lachen te hard en praten te snel. Ik wil het vandaag even niet zien allemaal. Een vriendschap, drie jongens die misschien net de reis van hun leven hebben gemaakt, en niemand doet het iets behalve henzelf. Ze vliegen straks gewoon weer naar Italië of waar dan ook en niemand merkt dat ze weer weg zijn. Een vergeten koffer zou tot het einde van het traject in de trein blijven staan.
De drie jongens praten te hard, ze lachen te veel.

03/15
De zon is bezig met ondergaan. Een man leest een boek, 'Rare Jaren', met zijn bril op zijn voorhoofd. Een koppel dat ik niet kan plaatsen is aan het zitten, en dat is even alles wat ze doen. Zitten en staren. Een gezin komt de stiltecoupé binnen, de man mompelt dat hij wel even toe is aan rust. Ik denk hem te begrijpen en we lachen er samen even om.
Er is een concert geweest. Een vrouw met een cello en een man met witte bloemen. Ze hebben het over comedy. Zoeken onrustig naar een connectie waardoor het gesprek kan voortkabbelen, geen gespannen stilte willen voelen. Opmerkingen als 'Hans Teeuwen houdt zich de laatste tijd nogal rustig' en 'hij gaf erg geestige kritiek'.
Er zijn velden van huizen. De zon heeft ze de kleur van hoop gegeven, van een rustig optimisme. Ik mag ernaar kijken en ik hoef alleen maar onderweg te zijn. Ik zweef eroverheen en leven, geschiedenis en toekomst glijden voorbij. Huizen, straten, wijken, die tijdloos stilstaan in hun beweging.
En dan die verwondering. In dat korte ritje naar Utrecht zijn we hier even samen, we voelen het grote Nu en met zijn allen zijn we even hier. We begrijpen elkaar in het staren, het nietsdoen. In die kleine coupé begrijpen we het even allemaal. Al die afzonderlijke levens, maar ik vind dat ze verbonden zijn.
We ze zijn er nog en we proberen er allemaal gewoon wat van te maken.